Ontdek, proef en beleef het platteland van morgen
/gratis-abonnement
Doe-tips

Zelf een varken houden: (hoe) kan dat?

In onze mailbox krijgen we regelmatig bijzondere vragen. Vaak gaan die over het houden van dieren. Een vraag die al in verschillende vormen gesteld werd, is deze: ‘Ik wil graag zelf een varken houden. Hoe begin ik daaraan?’. Wij zochten het voor je uit.

 

Juridisch: 2 tot 3 varkens mag

Je mag in België varkens houden zonder een omgevingsvergunning, als het om maximaal drie varkens gaat. Maar zelfs als je je beperkt tot één, twee of drie varkens, moet je je aan de regels van het Voedselagentschap houden. Dat wil zeggen:

  • Dat je je varkens moet laten registreren in de Saniteldatabank als gezelschapsdieren (formulier + toelichting bij dat formulier). Het FAVV zal vervolgens oordelen of je voldoet aan de uitrustingsvoorwaarden, en of je toelating krijgt voor het houden van varkens. Als alles in orde is, krijg je een varkensbeslagnummer.
     
  • Dat je een erkend dierenarts en een plaatsvervangend dierenarts moet zoeken die de dieren elke 4 maanden komt controleren. Je moet met hen een contract afsluiten om voor te leggen aan Diergezondheid Vlaanderen (DGZ).
     
  • Dat je de uitrustingsvoorwaarden respecteert: je moet een voorraad ontsmettingsvloeistof voorzien, materiaal om zaken te reinigen (bij uitbreiding voorzie je ook best aparte laarzen en werkkledij) en een zeil om je varkensmest onder te bewaren.
     
  • Dat je onder geen beding keukenafval (overschotten) aan je varkens mag voederen! 
     

Dit laatste is bij wet verboden en in het belang van de dieren zelf, want bereidingen die eetbaar zijn voor ons, zijn dat niet altijd voor varkens. Bovendien mogen varkens geen vlees of vis eten, en is het in de praktijk erg moeilijk om te vermijden dat groenten of aardappelen in de keuken met vlees of vis in contact komen. De wetgever oordeelt dat het dus nooit 100 procent veilig is om keukenafval te voederen, en neemt het zekere voor het onzekere: de voordelen (= minder afval) wegen niet op tegen de risico’s (= ziekten die zich in Vlaanderen omwille van de hoge densiteit aan varkens snel verspreiden).

 

een-varken-rust-in-stro-800x450.jpg

 

Wil je ze opeten?

Of je verder nog procedures moet volgen, is afhankelijk van de vraag of je de varkens wil opeten of niet, en waar je ze wil laten slachten. Voor slachting in een slachthuis moet je bijvoorbeeld verplaatsingsdocumenten invullen, een bezoekrapport van de dierenarts laten registreren, een geneesmiddelenregister bijhouden, een slachtmerk voorzien, enzovoort. Voor slachting thuis gelden andere regels. Met andere woorden: vraag op voorhand goed na wat je verplichtingen zijn bij het Voedselagentschap en DGZ.

 

Praktisch: waar moet je rekening mee houden?

Varkens zijn dieren en moeten goed verzorgd worden. Net als bij elk ander huisdier geldt: bezint eer ge begint, want er kruipt best veel tijd en energie in het onderhouden van varkens. Een checklist:

Huisvesting

  • Varkens zijn sociale dieren. Ze hebben nood aan gezelschap van soortgenoten. Koop dus twee of drie varkens, nooit slechts één.
     
  • Voorzie voldoende ruimte voor de varkens om buiten te lopen (een richtlijn is 200 m²). En weet dat varkens wroeters zijn. Met hun snuit (‘wroetschijf’) kunnen ze in een mum van tijd een hele weide omploegen. Als je dat niet wil, voorzie je best de mogelijkheid om je varkens regelmatig te verplaatsen. Dat wroeten is trouwens ‘natuurlijk gedrag’: in de vrije natuur gaan varkens zo op zoek naar voedsel (gras, wortels, knollen, zaden,…).
     
  • Respecteer dat varkens groepsdieren zijn en dat er in de groep een rangorde heerst. In principe is het oudste dier de baas, maar als ze even oud zijn zullen ze vechten om hun plek in de groep. Bij wat grotere groepen kan dit er ook toe leiden dat een varken zich wat wil afzonderen. Ook om die reden is het van belang dat de varkens voldoende buitenruimte hebben.
     
  • Varkens houden ervan om ergens tegenaan te schuren, ze doen dit om hun huid te verzorgen. Installeer dus schuurpalen, en zorg ervoor dat alles (hok, afsluiting, voederbak,...) stevig genoeg in de grond zit. Tip: schrikdraad (geen prikkeldraad!) als omheinding is geen overbodige luxe, varkens laten zich immers niet tegenhouden door wat houten paaltjes in de grond.
     
  • Behalve een weide hebben ze een schuil/slaaphok nodig. Die plaats je best op de meest schaduwrijke plek. Het hok moet droog zijn en tochtvrij. Voorzie het van stro en ververs wekelijks (geen hooi want dat eten ze op). Voor de koudere nachten voorzie je best wat extra stro. Tip: laat de varkens eerst een nacht doorbrengen op de weide. Ze kiezen automatisch voor het beste plekje om te slapen. Op dat plekje bouw je hun slaaphok. Reken zo’n 5 m² per varken (2,5m x 2,5m) voor de grootte van het hok.
     
  • Om zich te beschermen tegen de hitte, zonnebrand en vervelende beestjes, nemen varkens tijdens de zomer graag een modderbad. Voorzie dus een modderpoel in je varkensweide. Omdat varkens weinig haar hebben om zich te beschermen tegen de zon, kunnen ze bij veel zon wat extra bescherming gebruiken. Zorg voor voldoende schaduwplekken én overweeg de aankoop van grote tubes zonnecrème :)(zonder te lachen: smeer hun oren in!).
     
  • Varkens zijn propere dieren die een vast plekje uitkiezen om zich te ontlasten, liefst enkele meters van hun slaaphok vandaan. Ruim dat plekje wekelijks op en bewaar de mest onder een zeil, zodat het sneller opdroogt.
 
de-snuit-of-woelschijf-van-het-varken-800x450.jpg
 

Eten en drinken

  • Varkens zijn net als mensen routinedieren die behalve een vast ontlastingsplekje ook vaste eettijdstippen hebben. Houd daar rekening mee en las twee voedermomenten in per dag: een keer ’s morgens en een keer ’s avonds. Wanneer de varkens groot zijn, is het zelfs beter ze drie keer per dag te voederen. Besef dat dit ook geldt tijdens het weekend, tijdens de vakantie en na een feestje.
     
  • Varkens moeten áltijd zuiver water ter beschikbaar hebben. Plaats dus voldoende grote, stevige drinkbakken die je bovendien gemakkelijk kan uitspoelen. Maak ze niet hoger dan 10 cm, zodat de varkens er gemakkelijk uit kunnen drinken. Tip: een kraantje met stromend water nabij de weide is handig.
     
  • Hetzelfde geldt voor de voederbakken: zorg dat ze stevig zijn, niet te hoog en gemakkelijk schoon te maken. Metaal of hout zijn geschikte materialen. Maak de bakken leeg voor je ze vult met vers voeder. Net als mensen eten varkens immers niet graag oude restjes – het oude eten zou blijven liggen en het boeltje zou al snel beginnen te stinken.
     
  • Om je een idee te geven van hoeveel varkens eten: in het begin geef je twee emmers per voedermoment (dus vier emmers per dag), maar naarmate de varkens groeien voer je dat aantal op met ongeveer een emmer per maand. Wat ze eten is eenvoudig: bijna alles :), al hebben ook varkens hun voorkeuren (bv. liever gekookte dan rauwe groenten). Zoals gezegd mag je nooit keukenafval geven, daar kunnen ze zwaar ziek van worden. Wel kan je oude koekjes geven, droog brood (niet te veel, ze worden er snel dik van), ‘afgewezen’ groenten en fruit (bv. omwille van hun vorm), hooi, onkruid, wei van een plaatselijke kaasboer, enzovoort.
 

Gezondheid

  • Varkens moeten zoals gezegd elke vier maanden gecontroleerd worden door een dierenarts.
     
  • Twee keer per jaar worden ze best ingeënt tegen vlekziekte, wormen, schurft en luis.
     
  • Of je varkens hoeven nodig hebben, bespreek je met je dierenarts. Het hangt af van het ras en de ondergrond waarop ze lopen.
 
mini-pigs-2185058_1920.jpg

 

Slachting (of natuurlijke dood)

  • Houd er rekening mee dat varkens niet lang schattige biggetjes blijven. Na zes maanden kan een varken al 70 tot 90 kg wegen. Als je het wil laten slachten, is het dan slachtrijp. Een varken van 70 kg levert ongeveer 50 kg vlees op, een varken van 90 kg ruim 60 kg. Tip: een varken wegen doe je niet op een weegschaal. Je meet de afstand van de oren tot de inplant van de staart en de omtrek van hun buik net achter hun schouders, en vult deze metingen in deze rekentool van Levende Have in.  
     
  • Als je de varkens niét wil laten slachten, kunnen ze 10 tot 15 jaar oud worden.
     
  • Slachten doe je niet zelf – dat is verboden. Slachten moet gebeuren door iemand met verstand van zaken, zodat de varkens niet onnodig lijden. Je moet dus tijdig een goede slachter en beenhouder vinden waarmee je goede afspraken maakt.
     
  • Als je het vlees wil verkopen of aan derden wil geven, moét je beroep doen op een erkend slachthuis.  
     
  • Als het vlees alleen voor eigen gebruik bedoeld is, kan je kiezen tussen een thuisslachting of een particuliere slachting in een slachthuis. Een slachting moet altijd officieel worden aangegeven, bij een thuisslachting minstens 2 dagen op voorhand bij de gemeente, en bij een slachting in het slachthuis op het moment van de aankomst van het dier. Als het de eerste keer is dat je een dier laat slachten, moet je je op voorhand eenmalig laten registreren in de gemeente of bij de lokale zetel (LCE) van het FAVV. 
     
  • Weet dat je aan een aantal extra voorwaarden moet voldoen wanneer je varkens naar het slachthuis brengt. Zo moet je 24 uur op voorhand bepaalde gegevens aan de slachthuisuitbater bezorgen (‘voedselketeninformatie’). Ook wordt bij een slachting in het slachthuis altijd eerst een keuring uitgevoerd, zowel voor als na de slacht (dat is niet zo bij een thuisslachting). Daarbij wordt onderzocht of het vlees wel geschikt is voor consumptie, en dus bijvoorbeeld geen ziektes of residuen van geneesmiddelen bevat. Tot slot moet je voor het transport van je varkens naar het slachthuis verplaatsingsdocumenten aankopen en invullen. 
  • Sterft je varken een natuurlijke dood, dan moet het worden opgehaald door een erkend bedrijf. 
 

Een varken kopen

  • Elk ras heeft zijn typische eigenschappen. Informeer je goed voor je een keuze maakt. Deze brochure van Levende Have kan helpen.
     
  • Neem contact op met het Varkensloket of DGZ voor verkooppunten (varkenshouders) in je buurt. 
     
  • Als je een big koopt bij een varkensboer, heeft dat big al een oormerk. Vraag zeker ook het bijbehorende paspoort op. Dit heb je nodig voor eventueel vervoer naar het slachthuis.
     
  • Biggen jonger dan 40-42 dagen zijn te klein en te zwak om zelfstandig te leven. Controleer dus zeker of ze oud genoeg zijn.
     
  • Jonge biggen geef je in het begin meelpap te eten. Geleidelijk aan vul je dat aan met vaste voeding, zodat ze eraan kunnen wennen.
     
  • Geef de voorkeur aan zeugen (vrouwelijke varkens). Beren (mannelijke varkens) hebben scherpere tanden en worden nog vaak gecastreerd. Dit om agressief gedrag, zogenaamde berengeur maar ook ongewenste zwangerschappen in de groep te vermijden. 

 

Veel plichten, maar ook veel deugden

We hopen dat we je niet ontmoedigd hebben met dit artikel, want er is niets fijner dan een paar varkens te zien scharrelen in een weide. Als je goed voor ze zorgt, kan je er trouwens veel vriendschap van terugkrijgen. 70 kg vriendschap, welteverstaan :).

 

gelukkig-varken-in-de-weide-800x450.jpg

 

Bron: Het Spilvarken, DGZ, FAVV, Levende Have

Lees nog artikels met volgende tags

varken, tuin, eigen kweek
Aangemaakt op 12:26 26/01/2018 Laatst aangepast op 12:29 26/01/2018