Ontdek, proef en beleef het platteland van morgen
/gratis-abonnement
Doe-tips

Vogel(tel)weekend: 10 tips voor vogelvriendelijke tuinen

Beeld: Jeroom voor Natuurpunt

 

Tjilp tjilp hoera, het is weer tijd voor het grote vogel(tel)weekend! Het is dan voor één keer toegelaten, neen, zelfs verplicht om de voyeur in jezelf los te laten. Hou er wel rekening mee dat een piekfijn gazon weinig gevederde gasten aantrekt: er valt namelijk niet veel voedsel te rapen en er zijn geen schuilplaatsen te vinden. Maar geen nood: met deze tips maak je van jouw tuin een vogelparadijs.

 

Vliegend buffet

Om hun hoge lichaamstemperatuur op peil te houden, zijn vogels constant op zoek naar allerlei lekkers: insecten, bessen, zaden, noem maar op. Als je hen daar een pootje bij helpt, komen ze zeker hun verenkleed even showen ;-).

  1. Een smulhaag van bessen in of rond je tuin is een festijn voor vogels. Bramen, vlier of lijsterbessen, meidoorns en hulst zijn hun favoriete snoepjes. Zeker in de herfst zijn bessen een belangrijke voedselbron.
     
  2. Vooral jonge vogels hebben - om groot en sterk te worden - nood aan proteïnerijk voedsel zoals insecten. Een composthoop in je tuin is daarom perfect, die vormt een broeihaard voor sappige wormen en krokante kevers. Ook een border met inheemse bloemen lokt veel beestjes die op het vogelmenu staan. Als de bloemen zijn uitgedroogd, kunnen de vogels zich bovendien nog tegoed doen aan de zaden.
     
  3. Goed nieuws voor de ietwat luie tuiniers: de grote (tuin)kuis overslaan komt de vogels ten goede. In de afgevallen bladeren houden zich nog heel wat insecten schuil die merels, mussen en roodborstjes zonder problemen weten te vinden.
     
  4. In tijden van vrieskou en guur weer, kan je de vogels ook nog wat extra toesteken. Zorg daarbij voor voldoende variatie in het aanbod, maar ook in de voederplaatsen. Zo vindt elke bezoeker zijn gading op zijn lievelingsplekje. In het artikel 'Voedertijd: 7 tips om vogels de winter door te helpen' vind je enkele bijvoedertips op maat.
     
  5. Een voederplank bij het raam geeft jou de kans om van dichtbij te observeren, maar kan ook voor botsingen met het glas zorgen. Bewaar dus een beetje afstand, of plak stickers op de ramen, om te voorkomen dat je observatie- /voederplank ‘laatste maaltijden’ aanbiedt…
 
 

Redder in nood

Om te vermijden dat jouw hongerige gasten zelf een vogel voor de kat (of roofvogel) worden, zorg je ook maar beter voor de nodige veiligheidsvoorzieningen…

  1. Een hoge voederplank biedt bescherming tegen jagende katten, maar sommige vogels houden ervan om op een lage voedselplank of tussen de struiken hun voedsel bij elkaar te scharrelen. Om die stakkers te beschermen kan je je kat een belletje aanbinden, zodat haar prooien een waarschuwing krijgen. Probeer je kat ook ’s morgens binnen te houden, want dan zijn de vogels het drukst op zoek naar eten, en dus het minst op hun hoede.
     
  2. Als je de voederplank wil afschermen voor roofvogels kan je er een dakje opzetten, maar ook onschuldige vogels kunnen hierdoor afgeschrikt worden. Daarom kan je beter goede natuurlijke schuilplaatsen voorzien. Stekelige hagen zoals hulst, hondsroos of bramen zijn perfect. Hier kunnen kleine tuinvogels zonder zich te prikken in schuilen, maar grotere dieren zoals eksters, kraaien en poezen niet.
     
 

De finishing touch

Een vogelparadijs is niet compleet zonder enkele knusse nest- en recreatiegelegenheden:

  1. Nestkastjes zijn een ideale optie als je op een kleine tuin, terras of balkon toch een huisje wil voorzien. Koop een leuk model in een tuinwinkel, of knutsel er zelf eentje in elkaar. Let er dan wel zeker op dat de invliegopening exact op maat gesneden is, zodat enkel de bewoners en niet de roofvogels kunnen binnenvliegen. Bevestig er ook geen zitstok onder, anders kunnen gaaien en eksters het nest leegroven.
     
  2. Veel vogelsoorten bouwen hun nest liever zelf. Zo heeft een bonte specht meer baat bij een hoge boom, en verkiezen winterkoninkjes, merels en mussen een met klimop begroeide gevel of schutting. Een huismus schuilt dan weer het liefst net onder het dak. Tegenwoordig bestaan hiervoor zelfs vogelvides, een soort langwerpig nestkastje dat onder de buitenste laag dakpannen past, en roofvogels buitensluit. Meer info vind je op de website van Vogelbescherming Nederland.
     
  3. Maak je vogelresidentie af met een vijver. Hier kunnen de vogels in baden, maar ook hun dorst komen lessen.

 

 

Klaar? Actie!

Als jij én je tuin er klaar voor zijn, kan de telling beginnen. Zo ga je te werk:

  • Installeer je dit weekend (17-18 januari 2015) minstens 30 minuten op een plekje met uitzicht op de tuin en/of voederplank en noteer van elke soort het hoogste aantal exemplaren dat je tegelijkertijd hebt gezien. Tel geen aantallen op, want dan loop je de kans sommige smulpapen dubbel te tellen. Overvliegende vogels tellen ook niet.
     
  • Geef je telresultaten door via het online formulier op de website van Natuurpunt. Ook als je niet veel vogels gespot hebt, zijn jouw resultaten belangrijk. Enkel als ook minder goede resultaten worden opgenomen, kan een goed beeld samengesteld worden van onze vogelpopulatie.
     
  • Geen vogelkenner? Hou dan de telfolder van Natuurpunt bij de hand. Hierin vind je een overzicht van de meest voorkomende vogels met foto’s en beschrijvingen.

 

Extra tips:

Tijdens het vogelweekend organiseren heel wat bezoekerscentra extra vogelactiviteiten zoals workshops nestkastjes en vetbollen maken, verkoop van voederplanken, excursies in de polders,… . Een volledig overzicht vind je op de website van Natuurpunt.

Nog meer info over vogelvriendelijke tuinen vind je in de vogelweekendbrochure, op vogelweekend.natuurpunt.be. Op de checklist in het midden kan je zelfs afvinken hoe vogelvriendelijk je tuin is. Doe de test!
 

Lees nog artikels met volgende tags

tip, vogel, natuur, tuin
Aangemaakt op 13:49 16/01/2015 Laatst aangepast op 11:14 26/01/2015