Ontdek, proef en beleef het platteland van morgen
/gratis-abonnement
Denk-pistes

Slim gezien: DNA-fingerprinting om origine bomen te achterhalen

Beeld: Stad Gent

 

Net als bij mensen kan je bij planten op basis van DNA een unieke vingerafdruk genereren. Het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO) beschikt over een uitgebreide databank met de vingerafdrukken van honderden appel- en perelaars – een zogenaamde genenbank of DNA-bibliotheek. Wat ben je daarmee? Door het DNA van een appel- of perenboom te vergelijken met het DNA in de genenbank, kan je achterhalen tot welk ras die boom behoort. Dat vond Stad Gent interessant, want ze bezit enkele oude fruitbomen waarvan ze de origine wilde achterhalen. Het gaat om een boomgaard met uitsluitend perelaars in het Ferdinand Lousbergspark en enkele appel- en perelaars op de Bijlokesite. 

 

Ferdinand Lousbergspark: “vrij unieke” perelaars

De leeftijd van de perelaars in het Ferdinand Lousbergspark wordt geschat op zo’n 80 jaar. Ze behoren tot de galerij van het voormalige Lousbergsgesticht, dat eind 19de eeuw als een bejaardentehuis voor textielarbeiders werd opgericht. “Dat de boomgaard enkel perelaars telt, is vrij uniek en bewijst dat het geen ‘gewone’ boeren- of gebruiksboomgaard was, maar een sjieke ‘collectie’ of herenboomgaard”, legt Filip Smagghe van Stad Gent uit. “Perelaars waren eerder de fruitbomen van de rijken, ook omdat ze zo oud worden. Pure perenboomgaarden vind je voornamelijk terug bij kastelen of bij instellingen zoals het Lousbergsgesticht.”

Stad Gent was met name geïnteresseerd in de identiteit en origine van één bijzondere peer, die ze zelf de naam ‘Bronzé de Gand’ of ‘peer Ana Moira’ heeft gegeven. Het is een peer die ook al in een andere collectie (Centre Wallon de Recherches Agronomiques in Gembloux) werd opgenomen als ‘niet gekend ras’.

De onderzoekers van ILVO konden verschillende perelaars uit de boomgaard koppelen aan de rassen Beurre Hardy, Triumph de Vienne, Durondeau en Louise Bonne d’Avranches. Maar voor een reeks andere bomen werd geen match gevonden in de genenbank. “Daardoor blijft de stelling overeind dat de ‘Bronzé de Gand’ of ‘peer Ana Moira’ een uniek ras is”, legt onderzoekster Hilde Muylle uit.

 

apple-2788651_1920.jpg

 

Bijlokesite: “bijzonder unieke” appelaar

Het Gentse Bijlokehospitaal werd gebouwd in de 13de eeuw, de bijbehorende abdij in de 14de eeuw. Volgens historische bronnen had de Bijlokesite, dat nu onder meer het stadsmuseum STAM en het Muziekcentrum De Bijloke huisvest, al in de vroege 18de eeuw een boomgaard. Enkele bomen die er vandaag nog staan, zijn daar waarschijnlijk een overblijfsel van en vormen daarom belangrijk levend erfgoed. “We wilden dan ook graag meer weten over hun origine”, vertelt Smagghe.

Uit de analyse van ILVO blijkt dat drie van de appelbomen behoren tot de rassen Marbrée de Watervliet, Gueule de Mouton en Jacques Lebel. “De Marbrée de Watervliet is de grootste, wellicht oudste maar kerngezonde appelaar van de Bijlokesite. Hij is bijzonder want meestal worden appelaars niet zo oud en van oude boomgaarden blijven voornamelijk de perelaars over”, stelt Smagghe.

 

Nieuwe ‘vergeten’ rassen?

Twee andere appelbomen konden niet worden geïdentificeerd. Net als van enkele perenbomen uit het Lousbergspark blijft hun origine voorlopig een mysterie. Wil dit zeggen dat er een totaal nieuw ‘vergeten’ appel- en perenras ontdekt is? Niet persé. “We weten dat ze zeker zeldzaam zijn voor onze contreien want hun DNA-fingerprint komt niet overeen met die van een ras in onze bibliotheek. Maar er bestaan in Europa nog genenbanken die we kunnen raadplegen”, legt onderzoekster Isabel Roldán uit.

Stad Gent vindt het alleszins de moeite waard om de zaak verder te onderzoeken. Omdat sommige bomen echt oud aan het worden zijn, neemt de stad bovendien het zekere voor het onzekere. “We treffen nu al voorbereidingen om de rassen te behouden. Bij de aanleg van het Lousbergspark zijn daarom nieuwe perelaars aangeplant en in de Bijloke nieuwe appelaars, beide als onderstam om historische rassen op te enten.”

 

dna-string-800x450.jpg

 

DNA-fingerprinting

Volgens ILVO toont dit onderzoek aan dat er in het Vlaams patrimonium verborgen pareltjes staan. “Via onze DNA-fingerprinting techniek kunnen we een indicatie geven over het mogelijke ras of de mogelijke origine, waarna de eigenaars kunnen inschatten hoe waardevol het materiaal kan zijn. Nieuwe vermeende mysteries zijn altijd welkom”, besluit Roldán.

DNA-fingerprinting of DNA-profiling is vooral gekend van andere toepassingen, zoals in de forensische geneeskunde om aan te tonen of een bepaald spoor wel of niet afkomstig is van een persoon, en in discussies rond verwantschap (bv. vaderschaps- of moederschapstesten). Maar in de plantenkunde heeft het dus ook zeker zijn nut al bewezen.

Vroeger kon het ras van een plant alleen geïdentificeerd worden door te kijken naar bloem- of blad- of vruchtkarakteristieken, en deze variëren vaak met de ouderdom van de plant, het groeiseizoen, enzovoort. De kwaliteit van de identificatiepoging was sterk afhankelijk van de beschrijvingen van die karakteristieken in de genenbank. Bij DNA-fingerprinting zijn onderzoekers minder afhankelijk van milieu- en andere invloeden. Ze vergelijken op basis van DNA-profielen, waardoor er minder interpretatie bij te pas komt.

 

labo-dna-onderzoek800x450.jpg

 

Bron: ILVO, VILT
 

Lees nog artikels met volgende tags

DNA, biotechnologie, ILVO, onderzoek, fruitboom, slim gezien
Aangemaakt op 16:13 29/01/2018 Laatst aangepast op 16:31 29/01/2018