Ontdek, proef en beleef het platteland van morgen
/gratis-abonnement
Denk-pistes

Een dag in het spoor van: prei planten

In mei wordt heel wat geplant en gezaaid op de Vlaamse velden: boontjes, witloofwortels, kolen, pompoenen, … noem maar op. Ook de prei voor dit najaar gaat deze maand de grond in. Dat gebeurt nog steeds manueel en levert best aandoenlijke taferelen op. Prei planten is dan ook vaak nog een familieaangelegenheid, waarbij vader, moeder en kroost gezeten op een plantmachine één voor één jonge planten in voorbereide ‘ruggen’ neerzetten. Veldverkenners trok er een dag op uit om dit proces eens van dichtbij gade te slaan. Een fotoverslag:

 

Alle dagen prei

Prei is de belangrijkste openluchtgroente in Vlaanderen en wordt bijna het jaar rond gezaaid of geplant en gerooid. Dat is mogelijk dankzij een combinatie van verschillende teelttechnieken en rassen. Zo wordt er geplant van mei tot september en geoogst van mei tot en met april (een heel jaar dus):

  • planten in mei betekent oogsten van september tot november;
  • planten tussen begin juni en 21 juni betekent oogsten tot nieuwjaar;
  • planten tussen 21 juni en 10 juli betekent oogsten in de winter tot eind februari;
  • en planten na 10 juli betekent oogsten in het voorjaar tot eind april (later kan niet omdat prei in mei begint te bloeien).

 

De prei die wij vandaag de grond zien ingaan, moet ongeveer vier tot negen weken groeien en wordt geoogst in september. Omwille van dat oogstmoment wordt het ‘herfstprei’ genoemd. Prei die later geplant wordt, bijvoorbeeld na 10 juli, staat langer op het veld omdat het tijdens de voornaamste groeimaanden al kouder en minder lang licht is. Verder speelt ook het type grond waarin geplant wordt een rol: prei groeit sneller op lichte grond en trager op zwaardere grond. 

 

Perceel voorbereiden

voorbereiding-tris.jpg

Beeld: ploegen

 

Vooraleer de planters aan het werk kunnen, moeten de percelen bewerkt worden. Die voorbereiding start al meteen na de oogst van het voorgaande gewas – in dit geval maïs. Indien mogelijk wordt eerste een groenbemester ingezaaid, zoals gras, gele mosterd of snijrogge. Dit moet de bodem in goede conditie brengen en houden tijdens de winter. In het voorjaar wordt vervolgens een bodemanalyse uitgevoerd, waarna indien nodig bemest wordt. Die bemesting gebeurt meestal tussen half februari en eind april. Vervolgens wordt de grond geploegd om de mest of resterende gewasresten (van de groenbemester of het voorgaande gewas) onder te werken, waarna de grond wordt fijngemaakt met behulp van een (rotor)eg. Vlak voor het planten ten slotte worden de percelen bewerkt met een diepwoeler en in mooi rechte ruggen getrokken. 

 

Diepwoelen en ruggen trekken

diepwoelen-en-ruggen-trekke.jpg

Beeld: diepwoelen (links) + ruggen trekken en gaten ponsen (rechts)

 

Dat diepwoelen is nodig om dieper gelegen lagen in de bodem open te breken, zodat de prei voldoende diep kan wortelen en tot 60 cm diep kan reiken naar water en voedsel. De bodem kan immers door het veelvuldig gebruik van zware machines tijdens voorgaande teelten verdichte lagen bevatten, en een ploeg gaat niet voldoende diep om dit op te lossen. Als de grond is diepgewoeld wordt hij in rechte ruggen getrokken. Prei wordt vaak op ruggen geteeld omdat die ervoor zorgen dat de voeten van de planten bij nat weer nooit in het water (blijven) staan. Bovendien maakt dit het planten en rooien gemakkelijker. Het trekken van ruggen gebeurt met een erg bijzondere machine, die meteen ook de gaten ponst (22 cm diep en 9 cm uit elkaar) waarin de preiplantjes daags nadien worden geplant. Dat vooraf machinaal aanbrengen van plantgaatjes op een rechte lijn en even ver van elkaar, zorgt ervoor dat de prei mooi recht naar beneden en voldoende diep groeit, wat een stevige, cilindrisch rechte schacht met voldoende wit oplevert. 

 

Machine in werking

Omdat het trekken van ruggen en het ponsen van gaten er zo bijzonder uitziet, hebben we er een filmpje van gemaakt:

 

Zaaien of planten

ruggen-tris.jpg

Beeld: resultaat grondbewerking: mooie rechte ruggen mét plantgaatjes

 

Prei wordt in regel altijd geplant omdat de teler daarbij meer controle heeft op de verdere groei van het gewas. Wanneer prei ter plaatse gezaaid wordt staan de uiteindelijke planten bijvoorbeeld niet allemaal even ver van elkaar, wat zorgt voor dikteverschillen. Bovendien is gezaaide prei ook minder cilindrisch van vorm en moeten de planten meerdere keren aangeaard worden om voldoende wit te bekomen, wat dus meer veldwerk en brandstof vereist. Dat aanaarden is trouwens niet zonder risico: het kan kromme schachten veroorzaken en grond in de oksels van de prei opleveren. Zaaien levert dus minder kwaliteitsvolle prei op.

Wel worden de jonge plantjes die nadien geplant worden (het plantgoed), eerst gezaaid. Dit gebeurt door een gespecialiseerde plantenkweker in een serre of plastiek tunnel (vroege planten), en later op het seizoen soms door de teler zelf in openlucht. 

 

Handenarbeid

handenarbeid-tris.jpg

Beeld: acht mensen op een plantmachine plaatsen de plantjes één voor één in de voorbereide ruggen

 

Planten gebeurt zoals gezegd nog voornamelijk manueel, door vier tot – in dit geval – acht personen op een plantmachine. Die plantmachine bestaat grofweg uit een paar zitjes en schapjes waarop bakken met plantgoed staan. De zitjes en schapjes zijn zo gemaakt dat de planters op een comfortabele manier de jonge plantjes in de teeltruggen kunnen plaatsen. Verder bevat de plantmachine een soort bewateringssysteem, dat de rijen net geplante prei zorgvuldig aangiet met water.

 

1.500 planten per uur

Omdat het handenarbeid vergt, zijn preitelers wel een tijdje zoet met het planten van een perceel. Luc van Ons Dagelijks Groen in Meldert, de teler die we vandaag volgen, telt per hectare 100 manuren, en per hectare 150.000 planten. Dat wil dus zeggen dat er geplant wordt aan 1.500 planten per uur (!).

1500-plantjes-per-uur.jpg

 

Onkruidbestrijding, gewasbescherming en bemesting

Wanneer het perceel beplant is moet het nog een aantal keer bewerkt worden, voor de prei na 4 tot 5 maanden groeien klaar is om geoogst te worden. Een paar dagen na het planten wordt het perceel bijvoorbeeld onkruidvrij gemaakt en de daaropvolgende maanden verschillende keren behandeld met gewasbeschermingsmiddelen tegen schimmels en insecten(plagen). Om het gebruik van die middelen te beperken, plant Luc alleen de meest ziekteresistente rassen en wordt de frequentie en het tijdstip van de behandeling, evenals het type middel dat gebruikt wordt, gebaseerd op waarschuwingsberichten (advies) van het proefstation voor de groenteteelt. Bij de toepassing van zo’n middelen wordt bovendien rekening gehouden met een aantal voedselveiligheidsfactoren, zoals de tijd die nog resteert tot het perceel gerooid wordt. Telers moeten immers een bepaalde ‘wachttijd’ respecteren, zodat geen residuen van de gebruikte middelen op de prei meer te vinden zijn na de oogst. Zes tot acht weken na het planten ten slotte wordt een stikstofanalyse uitgevoerd, om te controleren of en in welke mate het perceel moet worden bijbemest. Die analyse gebeurt op basis van een grondstaal, die geanalyseerd wordt door een gespecialiseerd labo.

 

En daarna? 

preiplantjes-tris.jpg

Beeld: net geplante prei - links onmiddellijk na het planten, rechts een paar dagen later

 

Na vier tot negen weken op het veld zouden deze preiplantjes klaar moeten zijn voor de oogst. Alleen lange periodes van droog, warm weer (+30°C) of strenge vorst kunnen nog roet in het eten gooien. Zeker als het tijdens die periodes ook nog eens hard waait, want dat droogt de planten uit. Ideaal is het de komende maand tussen 5 en 25°C warm, met voldoende regen én droge periodes. Maar om nu al voorspellingen te maken is het nog te vroeg. Wordt vervolgd… 

 

slot-tris.jpg

 

Met dank aan Luc van Ons Dagelijks Groen in Meldert en zijn trouwe helpers van Groene Zorg.

Lees nog artikels met volgende tags

een dag in het spoor, prei, planten, groente
Aangemaakt op 16:59 15/05/2014 Laatst aangepast op 15:46 27/06/2014