Ontdek, proef en beleef het platteland van morgen
/gratis-abonnement
Denk-pistes

Bioweek: wegwijs in biolabels

Van 7 tot en met 15 juni organiseert BioForum Vlaanderen opnieuw de Bioweek. Tijdens die week zetten verschillende supermarkten hun bio-assortiment extra in de kijker en zetten allerlei bioproducenten en -verwerkers hun deuren open voor het grote publiek. (Een overzicht van de activiteiten vind je op www.bioweek.be.) Veldverkenners ging mee op biotoer en zocht naar een houvast in het grote aantal biolabels op de markt. Blijkt dat helemaal niet zo moeilijk te zijn. Een woordje uitleg:

 

Het Europese label

De term ‘bio’ of ‘biologisch’ is beschermd in Europa en het gebruik ervan wordt streng gecontroleerd. Als je het tegenkomt op een verpakking, kan je er dus eigenlijk al vanuit gaan dat het product daadwerkelijk biologisch geproduceerd en/of verwerkt werd. Als extra houvast echter kan je op de verpakking op zoek naar het Europese biolabel, te herkennen aan het groene blaadje. Dat label prijkt verplicht op alle voorverpakte Europese bioproducten (dus NIET op losse groenten of op andere onverpakte producten), en garandeert een aantal biologische minimumcriteria.

 

bio-EU-label_EC.jpg

Beeld: Europese Commissie

 

Zo garandeert het logo:

  • dat het product op een duurzame manier en met respect voor de natuur, dierenwelzijn en het leefmilieu geproduceerd werd
  • dat de producent minstens één keer per jaar gecontroleerd wordt door een onafhankelijk, erkend controleorgaan op het naleven van het biologisch logboek enzovoort
  • (in geval van dierlijke productie:) dat het dier op een diervriendelijke manier gekweekt werd en tijdens zijn leven voldoende buiten heeft kunnen grazen
  • dat het product geen genetisch gewijzigde organismen (ggo’s) bevat
  • dat er geen chemische gewasbeschermingsmiddelen en kunstmest gebruikt werden, alleen (goedgekeurde) natuurlijke middelen onder bepaalde omstandigheden  
  • dat er niet preventief antibiotica werd toegediend
  • dat er geen of zeer weinig voedseladditieven aan het product werden toegevoegd
  • en dat de gebruikte grondstoffen op de boerderij zo veel mogelijk van de boerderij of nabijgelegen bioboerderijen/bedrijven afkomstig is

Meer info over het Europese logo en waarvoor het staat, vind je hier

 

Private labels: Biogarantie

Zoals gezegd garandeert het Europese label een aantal minimale voorwaarden waaraan een producent moet voldoen om zijn product ‘biologisch’ te mogen noemen. In enkele lidstaten echter wordt door een deel van de biobedrijven ook een privélabel gebruikt, waaraan vaak extra voorwaarden gekoppeld zijn, zoals sociale, economische en ecologische criteria. In België is dat het geval, en daarom vind je op sommige Belgische bioproducten nog een tweede label: de stempel Biogarantie. Opgelet: we zeggen ‘op sommige bioproducten’, omdat bedrijven niet verplicht zijn om aan die extra voorwaarden te voldoen – wat wel het geval is met de Europese voorwaarden. Als ze echter het Belgische Biogarantielabel op hun product willen, moeten ze er wél aan voldoen. En deze bedrijven moeten zich dus ook extra laten controleren: op de Europese én op de Biogarantie-regels.

 

biogarantie-tris.jpg

Beeld: BioForum Vlaanderen

 

Wanneer je de stempel Biogarantie op een verpakking ziet staan (samen met het Europese blaadje, wat altijd verplicht is), ben je onder meer zeker dat:

  • het product geproduceerd werd volgens de Europese bio-voorwaarden
  • de boer een eerlijke prijs heeft gekregen voor zijn product 
  • de ingrediënten en grondstoffen zo veel mogelijk lokaal geproduceerd werden
  • geïmporteerde ingrediënten en grondstoffen uit landen met slechte sociale omstandigheden toch fair trade zijn
  • het product op een water- en energiezuinige manier geproduceerd werd
  • de biodiversiteit tijdens het productieproces gerespecteerd werd
  • het product op een milieuvriendelijke manier getransporteerd werd
  • het product op een milieuvriendelijke manier verpakt werd
  • en er doorheen de keten verstandig en duurzaam omgesprongen werd met afval

Meer info en alle concrete extra eisen van Biogarantie vind je hier en hier.

 

bio-geitenkaas-tris_mine-da.jpg

Beeld: Mine Dalemans

 

Andere private labels

Behalve Biogarantie zijn er nog enkele private biolabels op de markt. Die garanderen naast de Europese minimumcriteria allemaal enkele extra, specifieke voorwaarden.

Zo is er het wereldwijde label Demeter, dat staat voor biologisch-dynamische landbouw en verwerking. Boeren die volgens de biologisch-dynamische principes werken, gaan nog een stapje verder dan boeren die aan biolandbouw doen. Zo gebruiken zij minstens 60 procent biologische mest en 80 procent veevoeder afkomstig van het eigen bedrijf of van een eveneens bio-dynamisch, nabijgelegen bedrijf. Meer info over de concrete voorwaarden waaraan Demeter-boeren moeten voldoen, vind je hier. In Vlaanderen en Nederland wordt dit label beheerd door Stichting Demeter.

 

demeter-tris.jpg

 

Verder hebben verschillende supermarktketens tegenwoordig een eigen bio-huismerk in de rekken liggen. Bij Colruyt is dat ‘Bio-time’, bij Delhaize ‘Delhaize Bio’ en bij Carrefour ‘Carrefour Bio’. Deze producten dragen allemaal verplicht het Europese label en worden even streng gecontroleerd als biologische merkproducten.

Nog andere biolabels die je kan tegenkomen, zijn het Franse AB-label (Agriculture Biologique), het Franse Bio Equitable (zowel bio als fair trade) en Bio Solidaire (zowel bio als lokale productie en eerlijke prijzen), het Duitse Bioland, het Franse Ecocert Fairtrade (zowel bio als faire trade), het Nederlandse EKO en het Waalse Nature et progrès (zowel bio als lokale productie en kort keten).

 

Controle en certificering

Zoals gezegd wordt de naleving van zowel de Europese als de eventuele private regels streng gecontroleerd. In België gebeurt dat door vier erkende, gespecialiseerde en onafhankelijk organisaties: Tüv Nord Integra, Certisys, Quality Partner en Control Union. Zij staan in voor de controle en de certificering van biologische producten.

Concreet controleren zij alle schakels in de biologische keten (landbouwers, loonwerkers, verwerkers, transporteurs, supermarkten, enzovoort) een keer per jaar aangekondigd (grote controle) en doorheen het jaar nog een aantal keer onverwacht (kleinere controles). Tijdens zo’n controle wordt zowel de administratie doorgelicht als het eigenlijke productieproces, het product, de stock en/of de bodem geanalyseerd.

 

bio-slaatje-bis.jpg

 

Tijdens de administratieve controle worden bijvoorbeeld de certificaten van leveranciers nagekeken, de gehanteerde procedures (op papier) voor onder meer de ontvangst van grondstoffen gecontroleerd en de boekhoudkundige stroom van grondstoffen en eindproducten vergeleken (komt wat buitengaat aan eindproduct overeen met wat binnenkomt aan grondstoffen?). Tijdens de controle van het productieproces wordt dan weer vooral gecontroleerd op traceerbaarheid (wordt goed bijgehouden op welk moment welk product op welke plaats is?), de aanwezigheid van al dan niet toegelaten stoffen in bodem- en/of productstalen, de ontvangst-, reinigings- en andere procedures (in de praktijk) en de fysieke aanwezigheid van de producten en grondstoffen in stock.

Voor bedrijven die zowel biologische als gangbare producten verwerken, komen daar nog een aantal extra controlepunten bij, zoals de scheiding van de producten in tijd en ruimte. Dergelijke bedrijven worden ook vaker gecontroleerd, omdat het risico op fouten of vergissingen er groter is. Hetzelfde geldt voor bedrijven die werken met ingevoerde grondstoffen uit landen waar fraude een reëel probleem vormt.

Als een bedrijf niet in orde is met de Europese of andere voorwaarden van de biologische landbouw of verwerking, worden sancties opgelegd. Dat begint met een opmerking en eindigt met een schorsing van het product of het hele bedrijf. Zo’n bedrijf mag dan geen producten meer met het Europese of private biolabel op de markt brengen en krijgt geen certifica(a)t(en) meer.

 

bio-varken-tris_EC.jpg

Beeld: Europese Commissie

 

Verplichte informatie op het etiket

Het etiket van een biologisch product uit Europa bevat behalve het verplichte Europese label nog enkele verplichte gegevens. Zo moet het etiket vermelden welk controleorgaan de producent gecontroleerd heeft, of de ingrediënten afkomstig zijn uit Europa of uit een land buiten Europa, en welke ingrediënten bio zijn en welke niet. Dit laatste vereist wat meer uitleg: sommige technische hulpstoffen die gebruikt worden bij de verwerking van een biologisch product kunnen niet biologisch zijn omdat ze niet in biologische vorm bestaan, zoals zout of water. Desondanks mogen ze aan het bioproduct toegevoegd worden. Bovendien kan het gebeuren dat een product als bio verkocht wordt met een maximum van 5 procent niet-biologische landbouwingrediënten. Deze ingrediënten mogen in niet-biologische vorm gebruikt worden, indien ze niet of onvoldoende in biologische vorm op de markt beschikbaar zijn (bijvoorbeeld door een mislukte oogst) én indien ze voorkomen op de lijst met toegelaten niet-biologische ingrediënten. Een producent kan dus nooit even zelf beslissen om een niet-biologisch ingrediënt toe te voegen omdat het hem beter uitkomt.

 

bio-venkel-tris.jpg

 

Tot slot: waar koop je bio?

Tegenwoordig kan je gewoon in de supermarkt terecht voor biologische basisproducten. Bijna de helft van de bio-aankopen in Vlaanderen gebeurt dan ook daar. Zoek je een specialer of exclusiever product, dan moet je waarschijnlijk naar een gespecialiseerde biowinkel. Koop je liever rechtstreeks van de boer, dan kan je op een biomarkt, in een biologische hoevewinkel of bij een verdeler van biologische groente- of fruitabonnementen terecht. Al deze verkooppunten en meer dan 360 afhaalpunten voor biologische abonnementen vind je in de online BioGenietenGids

 

Meer info: www.biomijnnatuur.be en het artikel 'Op de rooster: biologische landbouw'

Lees nog artikels met volgende tags

Bioweek, biologisch, bio, voeding
Aangemaakt op 19:07 11/06/2014 Laatst aangepast op 17:04 09/07/2014

Reageer

Login via: